slide 1

Een Blog

#8 Lente

Op het moment dat ik deze blog schrijf ziet het er niet echt lenteachtig uit. De lucht is grijs en het motregent al de hele tijd. Maar gisteren was een heerlijke lente dag. Zonnig met van die leuke schapenwolkjes, een heerlijke dag om in de tuin te werken. Nu is onkruid wieden niet echt het leukste werk, maar als het klaar is geeft het wel een voldaan gevoel. Helaas is nog maar de helft van de tuin af, want meer lukt nog niet. Maar morgen is er weer een dag.

Ik geniet elke keer weer van al de plantjes die weer uit de grond komen, de struiken die uitlopen en gezaaide plantjes die opkomen. Er staan hier al heel wat plantjes te wachten om buiten geplant te worden, maar nog even wachten tot half mei. Dan mogen ze in de volle grond.

Ook hebben we een hele verzameling van de moestuintjes van de Albert Hein. Kijken wat daar allemaal van op komt. Vorig jaar was het een beetje een zielig geheel, maar misschien gaat het dit jaar beter. Nu heb ik niet zulke groene vingers, maar gelukkig anderen hier in huis wel.

Over die moestuintjes las ik een mooi stukje. De moestuintjes die je dit jaar krijgt bestaan uit twee stukjes, je spaart ze als maatjes. De pluksla is het maatje van de klaproos. De reden is dat pluksla gevoelig is voor bladluis, deze bladluis wordt gegeten door lieveheersbeestjes en de klaproos trekt deze lieveheersbeestjes aan. Een goed duo dus, ze hebben elkaar nodig om optimaal tot bloei te komen.

Dit kunnen we ook doortrekken naar ons dagelijks leven. Wij staan ook niet alleen, er zijn anderen in ons leven die ons helpen, steunen en waar we op kunnen vertrouwen dat ze ons tot bloei laten komen.

Ondertussen is er al een jaar corona. Het zou bijna normaal worden om afstand te houden, elkaar online te zien of te horen. Maar het is toch maar een slap aftreksel van het echte ontmoeten en zien. Zo ook de kerkdiensten en alhoewel ik het ook wel fijn vindt om als gezin naar de dienst te luisteren, toch merk ik hoe belangrijk het is om als gemeente op zondag samen te komen.

Net als de moestuinmaatjes elkaar nodig hebben om tot optimale bloei te komen, zo hebben wij elkaar ook nodig. In mijn eentje kan ik de “bladluis” van de verleiding en de zonde in mijn leven niet de baas. In mijn eentje achter mijn voordeur kan ik maar moeilijk optimaal tot bloei komen in mijn relatie tot Jezus. We hebben de kerk nodig, we hebben de eredienst nodig, we hebben elkaar als broeders en zusters nodig. Dat merk ik nu meer dan ooit.

Want er is nu zoveel wat we niet weten van elkaar, verdrietige zaken maar ook blijde gebeurtenissen komen en gaan zonder dat andere het merken. Hierdoor missen we ook de troost en de liefde die we door ons geloof in Jezus Christus mogen doorgeven aan anderen. De broederliefde die ons geloof levend houdt wordt op afstand gehouden, doordat we elkaar niet meer ontmoeten en zien.

Gelukkig is er de online kerkdienst en horen we elke zondag van Gods grote liefde voor ons, maar we kunnen het niet delen. We kunnen elkaar niet vertellen wat ons opviel of waar we blij van werden. En dat is een groot gemis.

Laten we daarom allen bidden dat kerkdeuren snel weer opengaan voor alle gemeenteleden. Laten we de Heere bidden dat Hij de corona, de pandemie verslaat. Het is wel gebleken dat wij het niet kunnen, maar wij hebben een God die almachtig is en wonderen doet. Ook nu nog. Laten wij daarom niet ophouden Hem om hulp te vragen. Ik doe het dagelijks en weet God zal helpen op Zijn tijd en op Zijn wijze. Daar vertrouw ik op, net zo vast als dat ik weet dat na deze grijze lentedag er ook weer een zonnige lentedag zal komen. Bidt u en jij met me mee, zodat Christus moestuin niet verschrompeld maar tot bloei komt!

Alina

 

#7 Het is Winter

Wat verlang ik naar de lente. De zon die weer schijnt, de natuur die gaat uitlopen. Als ik naar buiten kijk is het somber en kil. De dagen zijn kort en de nachten zijn lang. Geen wonder dat depressie en neerslachtigheid op de loer liggen. Het is dat ik een redelijk optimistische inslag heb, maar anders zou ik het ook niet meer zien zitten.

Er is ook niets leuks meer te doen. Iedereen leeft steeds meer op een eilandje. Er gaan dagen voorbij dat je niemand anders spreekt dan je huisgenoten en nu ben ik in de gelukkige omstandigheid dat ik in een huis vol mensen woon. Maar als je alleen woont, gaan er dagen voorbij zonder dat je met iemand hebt gesproken.

Het is winter. Zowel in de natuur als in deze periode van ons leven. Ook in ons eigen leven ervaren we een wisseling van seizoenen. Je wordt geboren, je groeit op, je wordt ouder en je sterft. In Prediker 3 lezen we dat er voor alles een tijd, een eigen seizoen is. Er zijn tijden waarop we met volle teugen van het leven kunnen genieten, maar er zijn ook tijden waarop het leven soms zwaar en moeilijk is. Prediker 3:1-2

Voor alles wat gebeurt is er een uur,
een tijd voor alles wat er is onder de hemel.
Er is een tijd om te baren
en een tijd om te sterven,
een tijd om te planten
en een tijd om te rooien.

Door alle beperkingen die we nu hebben door het corona-virus is het ook winter in ons eigen leven. Een periode waarin alles somber is, geen gezelligheid of uitzien naar iets leuks. Koud en kil is het contact. Zelfs als je elkaar ontmoet is er afstand. Troost geven door een knuffel of een arm om de ander heen kan niet. Het is allemaal ongemakkelijk en raar.

Maar wat een troost. Na de winter komt er weer een lente. Licht, vrolijkheid en nieuw leven en meer mogelijkheden om er even uit te gaan. Te genieten van wat God ons allemaal geeft. God heeft het immers zelf beloofd aan Noach: Genesis 8:22

Voortaan, al de dagen van de aarde,
zullen zaaitijd en oogsttijd, koude en hitte,
zomer en winter, dag en nacht niet ophouden
.

Na de zondvloed mag Noach het weten. God zal niet ophouden om voor ons te zorgen. Niet omdat Hij onze zonden niet meer ziet, die zijn immers door de zondvloed niet verdwenen, maar omdat Hij geduld met ons heeft.

Noach bouwt een altaar en brengt offers voor de HEERE en de HEERE ziet naar hem om. Hij geeft Noach en ook ons de belofte dat er nooit meer een zondvloed zal komen. Niet dat er geen rampen meer zullen plaatsvinden, maar nooit meer zal God de hele schepping vernietigen.

Wat moet het voor Noach moeilijk zijn geweest om dit offer te brengen. In de ark heeft hij alle mogelijke moeite gedaan om de dieren in leven te houden en nu offert hij van de reine dieren en de vogels, hij verbrand ze op een aarde die vol ligt met slib en waar alles wat leefde is weggevaagd. Kun je op deze aarde nog wel leven. De aarde is opnieuw woest en leeg. Noach weet dat er naast zijn gezin geen mensen meer op de aarde leven. En dan toch offeren, toch danken.

Voor ons gevoel is deze winter ook somber, eenzaam en leeg. Niets mag of kan. Zal het wel goed komen. Zal het ooit weer beter worden. Kunnen we in deze periode nog wel danken. Is er nog wel iets om dankbaar voor te zijn? Durven wij datgene te offeren wat er nog over is?

Het kan. Want God omringt ons nog steeds met Zijn liefde en Zijn zorg. God heeft nog steeds geduld met ons en ook nu zal het weer lente en zomer worden. En zoals Mark Rutte in de persconferentie zei, zal er dan ook weer meer mogelijk zijn. Aan het begin van de lente zouden de maatregelen versoepelt kunnen worden. Tenminste die hoop sprak hij uit en daar houden we ons aan vast. Zouden we ons dan niet nog veel meer vasthouden aan wat de HEERE ons in de Bijbel belooft?

Na elke winter komt er een nieuwe zomer, dat zal niet ophouden. En dat is geen misschientje, maar zekerheid.

Op de drooggevallen aarde bouwt Noach een altaar. Eeuwen later heeft de HEERE zelf ook een altaar gebouwd op Golgotha. Daar stierf onze HEERE Jezus Christus voor onze zonden. Na het offer van Noach bleven de zonden bestaan, maar het offer van Jezus heeft alle zonden weggevaagd. Wat een wonder van liefde. En daarom zal het steeds weer voorjaar en zomer worden.

Of je nu heel blij wordt van de winter op juist heel verdrietig, ook aan deze winter komt een einde. God beloofde ons na de zondevloed dat de seizoenen zich altijd zouden afwisselen: ‘Voortaan zal er altijd een tijd zijn om te zaaien en een tijd om te maaien. Er zal altijd kou zijn en hitte, zomer en winter, dag en nacht. Nooit houdt dat op, zolang de aarde bestaat.

Ook zal er een einde komen aan deze corona-periode. Zullen we weer bij elkaar mogen komen om God te loven en te aanbidden. Zullen de kerkdeuren weer opengaan en zullen we elkaar daar weer mogen ontmoeten. Laten we tot die tijd naar elkaar omzien, elkaar bemoedigen en uitzien naar de lente. Want die komt!

Alina

 

#6  Het wordt kerst!

We leven nu in de Adventstijd. Advent een tijd van vooruitkijken naar het Wonder van Kerst. Een tijd van vreugde en verlangen, van gezelligheid en samen zijn. Samen… daar hebben we op dit moment allemaal behoeft aan. Maar… het kan en mag nu even niet.

Alle nieuwe maatregelen rondom Corona, alle beperkingen en aanpassingen. Dat is best wel weer even schakelen. Het kost tijd voordat de realiteit en impact van alle nieuwe maatregelen is doorgedrongen. Wat mag wel en wat mag niet. Wat moet ik allemaal doen en hoe moet het allemaal. Weer op afstand lesgeven. Die had ik niet aanzien komen. We dachten op school allemaal: ‘De basisscholen mogen wel openblijven.’ Maar nee, toch niet.

Dinsdag de laatste schooldag, zodat de kinderen hun boeken en spullen die ze nodig hebben voor de thuisschool mee naar huis kunnen nemen. Het kopieerapparaat draaide overuren en zowaar; hij ging niet kapot. Iets wat regelmatig gebeurt op een moment dat het helemaal niet uitkomt. Als er rapporten geprint moeten worden, een schoolkrant of extra boekjes voor de komende periode. Dat viel gelukkig mee. Dat is gelukt. Er blijft echter een naar gevoel achter. Zo had ik het jaar niet willen afsluiten met de kinderen.

Maar ik wil niet dat mijn vreugde wordt weg geroofd door omstandigheden. Ik wil niet dat het uitzien naar kerst wordt verduisterd door alle negatieve dingen die nu op ons afkomen. Ik wil uitzien naar het Wonder van Kerst. Uitzien naar de komst van de Heiland. Maar dat is niet makkelijk. Gelukkig hoef ik dat niet alleen te doen. Ik mag gaan naar mijn HEERE.

Gaan naar Hem voor hulp, vreugde, vrede… en ik weet dat Hij juist nu bij ons wil zijn.  Zoals we mogen lezen in Psalm 33: 18 - 22:

Zie, het oog van de HEERE is over wie Hem vrezen,
op hen die op Zijn goedertierenheid hopen,
Onze ziel verwacht de HEERE,
Hij is onze hulp en ons schild.
Want ons hart is in Hem verblijd,
omdat wij op Zijn heilige Naam vertrouwen.
Laat Uw goedertierenheid over ons zijn, HEERE,
zoals wij op U hopen.

Wij mogen weten dat Hij bij ons is en blijft. Dat we mogen uitzien naar een betere toekomst. Wij mogen weten van het Licht dat gekomen is in deze duistere wereld. Dat Licht dat alle duisternis heeft overwonnen. Jezus kwam als kind naar deze aarde en stierf aan het kruis, opdat wij nooit meer in duisternis hoeven leven.

Laten we dan zingen van de komst van onze Heiland, van vrede. Blijven zingen. Juist nu! Niet kijkend naar wat niet kan, maar naar wat we wel hebben en kunnen. De engelen zongen in de nacht “Ere zij God”. Zo wondermooi klonk dat uit de hemel.

De engelen brachten de blijde boodschap in een duistere wereld. Al vierhonderd jaar was er geen profetie gehoord, was het stil in Israël en toen kwam die blijde boodschap. Niet verkondigd door mensen, maar door engelen, boodschappers van God. Gezonden naar ons mensen. Gezonden ook naar jou en mij. Een boodschap van God:
 

Wees niet bevreesd, want zie, ik verkondig u grote blijdschap, die voor heel het volk wezen zal,
namelijk dat heden voor u geboren is de Zaligmaker, in de stad van David; Hij is Christus, de Heere.
En dit zal voor u het teken zijn: u zult het Kindje vinden in doeken gewikkeld en liggend in de kribbe.

 

En daarna zongen zij het lied dat wij ook nu nog zingen mogen:

 Eer zij aan God in de hoogste hemelen,
en vrede op aarde,
in mensen een welbehagen.

We lezen het in Lukas 2. Elke dag opnieuw mogen we het lezen. We hoeven geen honderden jaren te wachten op deze boodschap, zoals het volk Israël. Elke morgen komt deze boodschap opnieuw naar ons toe in Gods Woord. Christus is gekomen voor ons. Gods licht schijnt door onze duisternis om ons te verlichten. Zoals we mogen lezen in Psalm 119:

Uw Woord is een lamp voor mijn voet
en een licht op mijn pad.

 

Laten we samen volhouden. Laten we samen uitzien. Laat het werkelijk advent zijn. Want:

“Het wordt kerst!”

 Dat kan niets of niemand tegenhouden! Laten we het dan ook samen met de engelen zingen:

 

ERE ZIJ GOD

 

#5 Zingen als alles tegenzit

God prijzen door te zingen. Best lastig tegenwoordig. In huis of buiten kan het. Uit volle borst meezingen met een mooi lied. Op school zingen we ook met de kinderen dan. Het is al een tijd geleden dat we als team samen zongen. In de kerk mogen we zingen, maar niet uit volle borst. Ingetogen moet het en dat is best lastig. Ingetogen zingen als alles in je juicht, maar het mag weer en voor de Heer maakt het niet uit hoe hard of zacht, uitbundig of ingetogen je zingt. Hij hoort ons.

En wat als alles tegenzit. Kun je dan nog wel zingen? Als je kijkt naar wat er allemaal gebeurt in de wereld om ons heen. En dan heb ik het nog niet eens over Corona. California staat in brand, in Wit-Rusland is vrijheid niet vanzelfsprekend meer, er is honger en ellende overal op deze aarde. Kun je dan nog zingen?

Ik las een stukje over meester Wim. Hij had geholpen tijdens de Watersnoodramp en daar dingen gezien en meegemaakt die hem diep aangrepen. Hij het kost hem moeite het een plek te geven de ellende en het verdriet dat hij heeft gezien. Als hij dan een tijd weer voor de klas staat en de kinderen hem aankijken Zegt de meester: zingen doen we vandaag maar niet, ik zou niet weten wat. Dan steekt een meisje haar vinger op en zegt: Meester we zouden kunnen zingen: “Als g’ in nood gezeten geen uitkomst ziet...” Dat raakt meester Wim diep.  Hij verbijt zijn tranen en even later klinkt er uit zijn klas het lied.

“Als g’ in nood gezeten, geen uitkomst ziet,
wil dan nooit vergeten, God verlaat u niet.
Vrees toch geen nood, ‘s Heren trouw is groot,
en op ‘t nacht’lijk duister, volgt het morgenrood.
Schoon stormen woeden, ducht toch geen kwaad;
God zal u behoeden, uw toeverlaat.”

Ergens snap ik die meester wel. Want ja zingen dat hoort toch bij blijdschap en niet bij al die ellende die hij heeft gezien. Als alles goed gaat, dan begin je vanzelf te zingen, te neuriën. Maar als alles tegenzit. Dan is huilen meer vanzelfsprekend dan zingen.

Wat is het geheim van zingen als alles tegenzit. Paulus en Silas doen het ook. Ze zijn gevangengenomen, zijn geslagen, hun rug, hun achterwerk, hun benen alles is kapotgeslagen. Gewond en beurs liggen ze daar in de gevangenis. Achter gesloten deuren hun voeten vastgeketend in een houten blok.

Handelingen 16: 23-24

23 En nadat zij hun veel slagen toegediend hadden, wierpen zij hen in de gevangenis en geboden de cipier hen zorgvuldig te bewaken.
24 En toen hij dat bevel gekregen had, wierp hij hen in de binnenste kerker en zette hij hun voeten vast in het blok.

 Het lijkt me dat je dan toch zult denken: zingen doen we nu maar even niet ik zou niet weten wat. Maar in het volgende vers lezen we:

 25 En omstreeks middernacht baden Paulus en Silas en zongen lofzangen voor God. En de gevangenen luisterden naar hen.

Daar kun je toch wel jaloers op worden. Op zo’n groot geloof dat je kan zingen als alles tegenzit. Maar laten we van hen geen heiligen maken. Want als ik lees, u mag er anders over denken, om middernacht dan zijn ze niet meteen begonnen met zingen. Wat is er in de tijd tussen de gevangenneming en middernacht gebeurt? Zijn ze begonnen met bidden en smeken en eindigde dat om middernacht met aanbidding en lofprijzing?

Gebeurt dat bij ons in het dagelijks leven ook niet? Dat je je vreselijk ergert aan iets wat er gebeurt, dat je al mopperend voor de tweede keer de keuken opruimt en spullen weglegt. Je chagrijnig de badkamer inloopt en boos roept dat iedereen zijn eigen troep moet opruimen. En je even later toch aan het schoonmaken bent en blij bent met de mensen in je leven? Dat je vrolijk meezingt met de liederen waar je naar luistert?

 Ik vraag me soms wel af. Zou ik ook als Paulus en Silas die omslag kunnen maken? Als ik gevangen zit, zou ik dan God kunnen prijzen met lofgezangen? In eigen kracht zeer zeker niet. Maar gelukkig hoeft dat ook niet. Er is een Helper door God aan ons gegeven en Hij zal ons nabij zijn. Ook als het duister is. 

Ik moet dan denken aan een lied van Sela:

Als alles duister is,
Ontsteek dan een lichtend vuur
Dat nooit meer dooft,
Een vuur dat nooit meer dooft.

En het hoeft dus ook niet meteen. Je mag eerst vragen, klagen en smeken. Als je maar in contact blijft met Jezus. Je wanhoop bij Hem neerlegt en er daardoor ruimte ontstaat voor hoop, geloof en lofprijzing.

 Ik hoop dat dit stukje ook een beetje licht mag uitstralen. Ja, er zijn veel beperkingen, niet alles wat we graag zouden willen, mag op dit moment. Maar laten we ons richten op wat nog wel mag en wat we nog wel hebben. Want God is niet verandert. Hij is en blijft dezelfde, vandaag, morgen en altijd. Gods liefde is voor jou, mij en iedereen.

Het kan zingen als alles tegenzit, het hoeft niet meteen en zonder klagen, maar het kan!

Alina

 

#4 Omzien naar elkaar.

In mijn vorige blog ging het erover dat plotseling alles anders was. En wat is er veel veranderd. De anderhalve-meter-samenleving moet het nieuwe normaal worden. We doen ons best. We houden afstand ook al is dat moeilijk. Afstand houden van vreemden, of de mensen die je niet zo leuk vindt, dat lukt nog wel. Maar van vrienden en familie, dat is een stuk lastiger.

En de veranderingen gaan door. Langzamerhand mogen we weer meer gelukkig. Helemaal hetzelfde als voor de coronacrisis wordt het nog niet, dat kan ook nog niet, maar het is een begin.  Zo ging het ook op school. Nu gedeeltelijk les, straks weer alle dagen, maar ook dat blijft anders dan dat het was. Anderhalve meter afstand houden van de kinderen en de collega’s het blijft vreemd en onhandig, maar we gaan ervoor. Maar wat doe je als een kind verdriet heeft? Dan blijf je toch niet op afstand? Ik kan dat niet. En ook gebeurt het wel dat tijdens het uitleggen een kind steeds dichterbij komt. We proberen het, maar het blijft zo onnatuurlijk. 

Nog even en dan kunnen we weer bij elkaar komen. Niet meer dan dertig mensen, maar de kerkdeuren mogen weer open voor de kerkgangers. Dan kunnen we als gemeente weer gedeeltelijk samenkomen, het is een begin. Wat een zegen was het de afgelopen weken dat er via het internet toch verbondenheid kon zijn met onze gemeente. Dat er kerkdiensten uitgezonden werden en we op die manier samen konden komen. Ja de kerk was dicht, maar de kerkdiensten gingen door. Er was misschien zelfs wel meer tijd om te luisteren en erover te spreken. Een van de duizend redenen tot dankbaarheid.

Bijzonder dat we zo ook mogen ervaren dat God voor ons zorgt. In deze tijd van vele vragen en onzekerheden is er één ding waar we niet aan hoeven twijfelen en dat is dat de HEERE er voor ons is. Ook al lijkt Hij ver weg, alsof deze corona-crisis Hem niet raakt. Ik las een stukje wat ik graag wil delen.

Satan zegt: Ik creëer ongerustheid, angst en paniek; ik veroorzaak de shutdown van bedrijven, scholen, kerken en evenementen en veroorzaak economische problemen.

Jezus antwoord: Ik zorg ervoor dat buren naar elkaar omkijken, versterk de familieband, breng de gezinnen weer samen aan tafel tijdens de maaltijd. Ik laat de mensen tot rust komen en laat ze zien de dingen die er werkelijk toe doen. Ik zal mijn kinderen leren om Mij om hulp te vragen op Mij te rusten en hun vertrouwen op Mij te stellen en niet op de wereld om hen heen, niet op hun geld of hun bezit

Ik vond dat een mooi beeld van hoe God werkt in deze tijd. Ja er is veel ellende om ons heen. En alhoewel ik in mijn naaste omgeving nog niet heel veel heb gezien van de ellende van het coronavirus, is dat niet voor iedereen zo. En ja dan komt die vraag wel naar boven. Waar is God in dit alles. Fijn om dan te weten dat Hij niet ver weg is, maar naast ons staat. Zelfs als je dat op dit moment niet voelt of zo ervaart. Hij is erbij. En sterker nog; Hij gebruikt het ook om ons te helpen om dichter bij elkaar te komen, om elkaar te kunnen helpen.

De angst en onzekerheid over hoe het nu verder moet blijft, we weten immers niet hoe het virus zich verder zal ontwikkelen en wat er allemaal nog komt. Dat doet me denken aan de discipelen. Hoe zullen zij zich gevoeld hebben, nadat Jezus was opgevaren naar de hemel. Het lijkt mij dat ook zij zich vertwijfelt hebben afgevraagd hoe het verder moest. Nu was hun Heiland, hun Steun en Toeverlaat echt weg. En de beloofde Trooster was er nog niet. Toch gaven ze niet op, ze kwamen samen en baden tot God.

Handelingen 14: 1
Dezen bleven allen eensgezind volharden in het bidden en smeken, met de vrouwen en Maria, de moeder van Jezus, en met Zijn broers.

Daarin vonden ze troost, kracht. Om jaloers op te worden.

Wij leven nu ook tussen Hemelvaart en Pinksteren, maar wij mogen weten dat de Heilige Geest gekomen is. Dat God ons een Trooster een Helper heeft gegeven. Die voor ons bidt als wij zelf de woorden niet kunnen vinden om onze angsten en noden bij de Heere te brengen.

Anderhalve meter afstand dat is de regel waar we ons aan moeten houden om zo de verspreiding van het Coronavirus tegen te gaan. Maar die anderhalve meter kan ons niet tegenhouden om een gemeente van Christus te zijn. Om God te loven, Hem om hulp en kracht te vragen, elkaar te ondersteunen en te helpen.  En ja ik mis het ook dat je niet meer een arm om iemand heen kan slaan als hij of zij verdriet heeft. Een knuffel om te laten merken dat je om iemand geeft. Maar we zijn inventief, naast de luchtzoen zijn er nu ook de lange afstandknuffel en de vriendelijke lach blijft natuurlijk altijd.
Nu komt wel de opdracht om naar elkaar om te blijven zien. Ik geef eerlijk toe, ik ben er niet zo goed in. Goede bedoelingen en voornemens genoeg, maar in de uitvoering gaat het niet altijd goed.  Een kaartje sturen, ja dat lukt nog wel af en toe. Maar echt omzien. Gelukkig zijn er in onze gemeente mensen die daar wel goed in zijn. Zo mogen we allemaal op onze eigen plek een klein lichtje zijn voor God. Ieder op zijn eigen manier. Ik hoop dat deze stukjes ook een klein lichtpuntje mogen zijn.

Laten we als gemeente voor elkaar bidden, elkaar helpen, elkaar ondersteunen ieder op zijn eigen manier met de gaven die we daarvoor van God gekregen hebben.

Alina

 

#3 Ineens is alles anders!

Alles wat altijd normaal was, is plotseling veranderd. Het dagelijkse ritme is compleet op zijn kop gegooid. Het contact met andere mensen is tot een minimum beperkt. We communiceren voornamelijk via de telefoon en whatsapp.

Ik moet er enorm aan wennen en ik denk vele met mij.

Het is nu maandagochtend, normaal gesproken zou ik op dit moment op school aan het werk zijn. We zouden de dag zijn begonnen met een kop koffie, gezet door Harm onze conciërge, bezinning, een rondje lief en leed en gebed.

Daarna in snel tempo de oefenwoorden in de verschillende spellingprogramma’s klaarzetten voor de leerlingen. Mijn mail checken en eventueel beantwoorden. En om negen uur de eerste leerling uit de klas halen voor extra rekeninstructie en vanaf dat moment komen en gaan de leerlingen in een strak schema. Rekenen, spelling, woordenschat oefenen en sociale gesprekjes wisselen elkaar af. Tussendoor een kwartiertje pauze om wat bij te kletsen met collega’s. En tussen de middag snel eten en pleinwacht lopen. Om ’s middags in hetzelfde ritme door te gaan tot half drie. Alle gebruikte materialen weer opruimen, de laatste mails beantwoorden en als er geen gesprekken of vergaderingen zijn op tijd naar huis.

Een normale werkdag.

En nu? Nu zit ik om half acht achter mijn laptop aan de eettafel. Ik check mijn mail en zet de spellingprogramma’s klaar voor de leerlingen. Ik maak de weektaak voor de leerlingen met een eigen leerlijn en mail deze door naar de ouders en de leerling zelf. Ik controleer in Snappet (het online lesboek van de leerlingen) of alle lessen openstaan, zodat ze kunnen werken en geef via de mail nog wat extra hulp en uitleg bij de lessen.

En dan kan ik even niet verder. Het is geen echt contact wat ik heb. Ik zie niet aan de lichaamshouding of ogen hoe het met de leerlingen gaat. Dat is lastig. Videobellen? Dat doet de eigen leerkracht gelukkig. Dat is niet mijn ding, daar hou ik echt niet van. Maar het contact mis ik wel. Deze manier van werken maakt mij onrustig. Doe ik wel genoeg, hoe gaat het met de leerling die zoveel moeite heeft op school?

En dan lees je om je heen dat er zoveel mensen tot rust komen in deze situatie. Ze brengen meer tijd door met God, er is zoveel tijd voor bezinning en Bijbelstudie. Mij lukt dat niet. Ik ben te onrustig. Terwijl ik dacht er juist heel veel tijd voor te hebben, toen de eerste berichten kwamen dat de scholen dicht zouden gaan. Ik had de impact van alle maatregelen echt onderschat.

Terwijl de kinderen begonnen zijn aan hun dagtaak voor school, bak ik een notencake en schrijf deze blog. Kijk ondertussen regelmatig of ik via de app of mail een vraag heb van een leerling die hulp nodig heeft of een digitale bemoediging dat het goed gaat.

Wat kunnen we doen aan die onrust, het gebrek aan tijd doorbrengen met God? Wat ….?

Gelukkig de Heere kent ons, ziet ons hart. Hij weet van de drukte in mijn en misschien ook wel jouw hoofd. Weet dat het geen onwil is dat we minder tijd met Hem doorbrengen. Het hoeft ook niet persé met uitgebreide Bijbelstudie en lange gebeden. Laten we ons zelf rust geven. God hoor ook het schietgebedje! Het luisteren naar een lied of het lezen van alleen een Bijbeltekst en daar wat over door mijmeren, ook dat is goed. Ook op die manier worden we gevoed en ontvangen we kracht om te groeien en te bloeien op de plek waar we nu zijn, in de situatie waarin we nu leven.

Want God heeft beloofd dat als we op Hem vertrouwen, Hij rondom ons zal zijn, als de berg Sion, die niet wankelt maar eeuwig blijft bestaan.

 

Psalm 125:1 en 2

Wie op de HEERE vertrouwen, zijn als de berg Sion,

die niet wankelt, maar voor eeuwig blijft.

Rondom Jeruzalem zijn bergen,

zo is de HEERE rondom Zijn volk,

van nu aan tot in eeuwigheid.

 

Laat dit ons tot troost zijn in deze verwarrende en schijnbaar onrealistische periode. God is erbij, Hij ondersteund ons, draagt ons, ziet ons, helpt ons. We hoeven alleen maar onze zorgen te brengen bij het kruis, bij Jezus, bij God. Drie woorden zijn genoeg: “Heere, help mij.”

Alina

 

#2 Vol vertrouwen gaan. 

En dan plotseling leven we al in de maand maart. In januari en februari heb ik altijd het gevoel dat het jaar net begonnen is en er overal nog heel veel tijd voor is. Het nieuwe jaar is immers net begonnen.

Maar zodra maart op de kalender staat is dat gevoel wel over. Maart dat betekent dat de winter plaats gaat maken voor de lente. Alhoewel het dit jaar wel lijkt alsof de herfst maar niet op wil houden. De herfststormen zijn overgegaan in voorjaarsstormen en de winterse kou heb ik nog niet echt gevoeld. Niet dat ik dat heel erg vind, ik ben niet zo’n fan van sneeuw en gladheid.

Mijn favoriete seizoen is toch echt de lente. De natuur die weer begint uit te lopen, de zon die een behaaglijke warmte verspreidt. Genieten van Gods schepping het nieuwe leven dat overal zichtbaar is.

Deze tijd van het jaar is ook het moment dat we stilstaan en ons verwonderen over Gods grote liefde voor ons. Zoals we lezen in Joh. 3: 16

"Want zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft."

Dat kun je je toch bijna niet voorstellen. Je enige kind geven? Abraham deed het bijna. Hij gaf zijn zoon Izak over aan God. Zo groot was Abrahams vertrouwen in God, in Zijn liefde voor hem, dat hij wist dat het allemaal goed zou komen als hij gehoorzaam was aan God.

Jakobus 2: 23 "En Abraham geloofde God, en het is hem tot gerechtigheid gerekend, en hij werd een vriend van God genoemd."

Is mijn vertrouwen ook zo groot dat God alles goed zal maken? Kan ik alles overgeven in het vertrouwen dat het uiteindelijk goed zal komen? Best een indringende vraag. Ik hou graag alle touwtjes in mijn eigen handen, ben best een control-freak, vertrouw het meest op mezelf. Vertrouw ik Gods wijsheid, liefde en trouw? Is mijn geloof zo groot? Nee mijn geloof is niet groter dan een mosterdzaadje. Maar meer is ook niet nodig. Ik hoef het niet zelf te doen. God wil het ons allemaal geven.

De Heere vraagt van ons vertrouwen. Vertrouwen dat hij doet wat goed voor ons is. Ook al zien wij dat anders, willen we een goede gezondheid en een leven zonder grote tegenslagen. Dat is niet wat we krijgen. Dat is ook niet iets wat God ons belooft, als we Hem vol vertrouwen volgen. Wel belooft Hij ons uitzicht op een betere toekomst, een eeuwig leven zonder ziekte, verdriet en pijn. Een toekomst klaargemaakt door Zijn Zoon, Jezus Christus.

In deze tijd van het jaar staan we stil bij de weg die Jezus ging op weg naar het kruis. Om door zijn lijden en sterven ons te verzoenen met Zijn Vader. Om onze zonden te bedekken met zijn bloed.

Zoals Petrus het zegt in 1 Petrus 2: 24 “Die Zelf onze zonden in Zijn lichaam gedragen heeft op het hout, opdat wij, voor de zonden dood, voor de gerechtigheid zouden leven. Door Zijn striemen bent u genezen."

Laten we vol vertrouwen op Gods grote liefde voor ons op weg gaan. Gaan achter Jezus aan. Gaan op weg naar het kruis en het eeuwige leven, wankelend, struikelend, stap voor stap, maar gaan!

 

 

#1 Een BLOG.

Plotseling komt daar de vraag: “Zou jij het leuk vinden om te bloggen over het “gewone” leven in combinatie met het leven als gemeente lid en het geloof”

Wat doe je dan, als je dat inderdaad heel leuk zou vinden. Eén ding heb ik geleerd. Niet meteen ja zeggen. Dat is meestal wel mijn eerste reactie op iets nieuws, iets leuks. Maar soms doe je dan een belofte die je niet na kunt komen. Niet omdat je het niet wilt, maar omdat het gewoon niet lukt. Omdat de tijd ontbreekt, of je lichaam niet wil, de energie er gewoon niet is.

Oké, we gaan erover nadenken. Voor- en nadelen afwegen. En dat is niet mijn sterkste kant, want als ik iets leuk vind zijn er meestal meer voor- dan nadelen. Maar toch…

Wat ik mij nu afvraag is: “Ben jij, die dit leest, wel geïnteresseerd in wat ik schrijf. Vind jij het leuk om te lezen.” Dat vind ik lastig, dat maakt mij onzeker. De achterliggende vraag is eigenlijk: “Mag ik er zijn?” En is dat niet een vraag die ons heel vaak onbewust bezig houdt.

Je voelt je onbelangrijk, als je kijkt naar anderen en wat zij allemaal bereiken in het leven en wat ze allemaal doen. En je vraagt je af: “Wat is mijn meerwaarde, mijn doel, tel ik wel mee?”

Soms voel je je eenzaam, je hoort erbij maar dat voel je niet altijd. Het lijkt of je aan de zijlijn staat en kijkt naar hoe de anderen actief bezig zijn, maar jij doet niet actief mee.

Toch mogen we er allemaal zijn. Het antwoord is dan ook: “Ja!” Ook jij mag er zijn, ook jij bent belangrijk. Ook ik mag er zijn!

Deel uitmaken van het Koninkrijk van God en van de gemeente Hagestein - Hoef en Haag. Iedereen, op zijn eigen manier en op zijn eigen plaats, mag er zijn, heeft een functie, is belangrijk.

Zoals Paulus schrijft: “Zoals wij in één lichaam vele leden hebben en de leden niet alle dezelfde functie hebben, zo zijn wij, hoewel velen, één lichaam in Christus, maar ieder afzonderlijk leden van elkaar.” (Romeinen 12:4 en 5).

Hoe mooi is dat. Eén in Christus, die het Hoofd wil zijn van ons, ons lichaam.

Van Christus uit wordt het hele lichaam samengevoegd en bijeengehouden door elke band die ondersteuning geeft, overeenkomstig de mate waarin ieder deel werkzaam is. Zo verkrijgt het lichaam zijn groei, tot opbouw van zichzelf in de liefde.” (Efeze 4: 16)

Zo mogen wij allemaal een bijdrage leveren aan de kerk, hier in Hagestein - Hoef en Haag, maar ook aan de Kerk wereldwijd.

Zo wil ik ook graag een bijdrage leveren, heel klein, heel eenvoudig, woorden, een blog.

 

Alina

RSS Feed GemeenteNieuws

Contact

Als u een vraag heeft of iets wilt doorgeven, neemt dan contact op met een van de contactpersonen. Voor algemene vragen kunt u een bericht sturen naar het mailadres info @hervormdhagestein-hoefenhaag.nl.

Kerktijden

Iedere zondag om 9:30 uur en 18:30 uur is er een dienst in de Hervormde kerk aan de dorpsstraat in Hagestein. Luister mee via deze link.

Overige